Een motie met onderliggende gevoelens…

Over de raadsvergadering van jl. 25 november zou weinig meer te melden zijn geweest dan het afscheid van raadsgriffier mevrouw Both – bedankt voor je inzet Nelleke en mooie pensioenjaren toegewensd (pardon gewenst)! – ware het niet dat het reguliere deel van de vergadering afsloot met een motie van D66 aangaande het gemeentelijk coronabeleid. In een mede door de fracties van het CDA, VoorBaarn, GroenLinks en CU/SGP ingediend verzoek werd het college opgeroepen de raad mee te nemen in het te formuleren coronabeleid om de ‘negatieve gevolgen als gevolg van de coronapandemie voor haar inwoners en instellingen waar mogelijk weg te nemen of te verminderen’. Neen, geen enkel wantrouwen jegens het college en/of portefeuillehouder burgemeester Röell, daar moest vooral niet aan gedacht worden lieten de fractievoorzitters van CDA en GroenLinks weten. Eigenlijk doet het college het allemaal prima, maar ja, hoe gaan we verder nu er zich een vaccin aandient? Welk beleid wordt er ontwikkeld door het college? Hoe wordt het in de begroting opgenomen bedrag van € 250.000 samen met nog te ontvangen rijkssubsidies ingezet om de coronapijn voor ‘onze inwoners en instellingen’, te verzachten? Als argeloze beschouwer zou je warempel denken met een nuttige motie van node te hebben. Niets is echter minder waar.

Dat de BOP tegen tal van beleidsuitgangspunten van het college stevig oppositie voert is genoegzaam bekend. Edoch, in geval de wijze waarop het college, lees burgemeester Röell, acteert in het coronadrama zult u van de zijde van de BOP vooralsnog geen kritiek horen. De raad en ook de pers worden middels raadsinformatiebrieven goed op de hoogte gehouden van ontwikkelingen rond het coronavirus en de acties die het college daarin neemt. De burgemeester maakt deel uit van de Veiligheidsregio Utrecht en ook over wat zich daar afspeelt wordt de raad adequaat geïnformeerd.

Is de motie enerzijds dus volstrekt overbodig, anderzijds op punten ook onzinnig. Hoe moet bijvoorbeeld het college voldoen aan de oproep de raad te informeren over hoe het rijkssubsidies die er nog niet zijn in gaat zetten? In het debat over de corona(e)motie stelde de fractievoorzitter van D66 zich niet voor het eerst op als een recalcitrant lid van de coalitie. Het kwam hem niet alleen te staan op een stevig weerwoord van de burgemeester, ook de fractievoorzitter van de VVD, niet altijd een politieke vriendin van de BOP, kwam in dezen terecht met een stevige schrobbering uit de hoek voor haar coalitiegenoot.

Voor de uitslag van de stemming over de motie had het geen gevolgen. Met de stemmen van de elf indieners voor haalde die een meerderheid. In een stemverklaring complimenteerde ik namens de BOP het college, lees de burgemeester, met zijn optreden inzake de coronacrisis en gaf ik aan dat de raad momenteel voldoende corona-informatie ontvangt en dat zij over genoeg instrumenten beschikt om corona gerelateerde zaken indien nodig aan de orde te stellen.

Kees Koudstaal,
fractievoorzitter