De Belt en de Beltvijver. Hoe staan die er eigenlijk voor?

Als er zich ergens in het land ernstige, al dan niet historische, bodemverontreiniging voordoet dan schrijft de Wet bodembescherming saneringsmaatregelen voor. De website van de gemeente Baarn haakt daarop in: ‘Bodem die vervuild is, moet gesaneerd worden. Dit betekent dat de grond zo goed mogelijk schoongemaakt moet worden. Alleen erkende (officieel goedgekeurde) bedrijven mogen vervuilde bodem saneren.’  Een aantal jaren geleden deed zich zoiets voor in het centrum van ons dorp. U herinnert zich vast nog wel het Gat van Lettenmeijer. Maar wat als de vervuilde bodem geen bodem is, is er dan sprake van bodemverontreiniging? Die vraag werd actueel door een zinsnede in het raadsvoorstel inzake de verplaatsing van het aan de Drakenburgerweg gelegen gasontvangstation (gos) naar de Noordschil.

Vergroting

Deze melding, inclusief de opmerking dat de grond ter plaatse niet gezien moet worden als bodem en dat er derhalve geen sprake kan zijn van ernstige bodemverontreiniging, deed bij de fractie van de BOP de wenkbrauwen fronsen. Navraag bij de Regionale Uitvoeringsdient (RUD) schepte duidelijkheid. Wettelijk is bepaald dat ingeval een bodem voor meer dan 50 procent uit vast afval bestaat er geen sprake is van een bodem en dat derhalve de bepalingen gesteld in de Wet bodemverontreiniging niet van toepassing zijn.

Wij kunnen ons voorstellen dat deze definitie ooit in de wet is opgenomen. Ons land telt zo’n  4.000 voormalige vuilstortplaatsen en wat voor een kostenplaatje zou dat opleveren als die alle zouden moeten worden gesaneerd…?! Echter, dit neemt onze zorgen over de bodemgesteldheid van de Belt en zijn directe omgeving niet weg. In 2007 kwam de voormalige vuilstortplaats ook in beeld vanwege bodemverontreining. Toen moest de raad uit de krant vernemen dat er sprake was van uit de Belt lekkend gif dat zorgde voor vervuiling van het water onder de Belt en in het daarnaast gelegen water van de Beltvijver. Navraag bij de provincie leerde dat de Dienst Water en Milieu in de periode 1999-2004 ter plaatse onderzoek deed naar de kwaliteit van het grondwater. De dienst meldde de gemeente destijds over dat onderzoek: “Het grondwater in de stort is sterk verontreinigd met nikkel, arseen en minerale olie. De monitoring laat zien dat er verspreiding van de verontreiniging in het grondwater heeft plaatsgevonden vanuit de stort (overschrijding van de streefwaarde voor barium en chroom en een enkele gehalogeneerde koolwaterstof).”

De Belt en Beltvijver

Over de deklaag van de voormalige vuilstortplaats werd destijds gemeld dat die in plaats van schone grond ‘over het algemeen licht tot sterk verhoogde gehalten aan enkele zware metalen en PAK-totaal’ (kankerverwekkende stoffen) bevatte. Bovendien was daar soms zichtbaar asbesthoudend materiaal in aangetroffen. Het was de BOP die de kat de bel aanbond en het college in de raadsvergadering van 18 juli 2007 bevroeg over dit verontrustende nieuws. We zullen u de verbale en daarop volgende schriftelijke wisselingen besparen, maar uit vervolgonderzoek bleek dat zich een wonderbaarlijk reiniging van het water nabij de Belt had voltrokken…  De Belt werd  voorzien van een nieuwe afdeklaag schone grond en het college zegde toe ‘het allemaal scherp in de gaten te blijven houden’. Voor de meerderheid van de raad was daarmee de kous af en werd de Belt gelaten voor wat hij was als voormalige vuilstortplaats. 

Het feit dat tien jaar later door het college als een soort terzijde wordt gemeld dat uit bodemmonsters is gebleken dat de grond onder en nabij de Belt ernstig is vervuild, deed bij de BOP opnieuw de alarmbellen rinkelen. Tijdens de raadsvergadering van 6 december jl. kreeg de wethouder daarom van ons de vraag voorgelegd of het oppervlaktewater in de omgeving van de Belt regelmatig wordt gemonitord en wat die onderzoeken aan resultaten hebben opgeleverd. De wethouder liet ‘volmondig’ weten dat er in de afgelopen jaren ter plaatse regelmatig is gemonitord en dat de onderzoeksresultaten schriftelijk zouden worden gedeeld met de gemeenteraad. Een op 18 december jl. aan de raad toegestuurd memo geeft echter helemaal geen antwoord op onze vraag en blikt louter terug op onderzoeken die vóór 2007 plaatsvonden! Nergens uit de memo blijkt dat er, zoals de wethouder aangaf, nog steeds regelmatig wordt gemonitord. De BOP vreest dan ook dat er na 2007 geen bodem- en/of wateronderzoeken ter plaatse zijn verricht. Mocht dat het geval zijn dan kunnen wij dit helaas niet anders zien dan als een ernstige tekortkoming van gemeentezijde. Om hier duidelijkheid over te verkrijgen heeft de fractie van de BOP op 27 december 2017 onderstaande vragen voorgelegd aan het college. De vragen dienen binnen dertig dagen beantwoord te worden. Vanzelfsprekend houden wij u op de hoogte.

Kees Koudstaal, fractievoorzitter

Schriftelijke vragen BOP aangaande de Belt

Dit schrijft de Gooi & Eemlander

Dit staat er te lezen in de Baarnsche Courant